Heavenletter #5513 Stenen Gooien
God zei:
Het is aan jouw Zelf dat je iets verplicht bent. Je staat niet bij Mij in de schuld, Mijn Geliefden. Jullie zijn Mijn Kroon op het Werk, omdat Ik weet wat Ik zie. Ik aarzel niet om dat te verklaren. Als je geneigd bent om te zien dat Ik jou iets schuldig ben en dat Ik bij jou in de schuld sta, zie je een verzinsel van je eigen verbeelding.
Onder Ons, er is geen schuld. Wij hebben de Vrije Wil om lief te hebben. Jij kunt, en je doet dat vaak, afwezigheid van liefde zien. Het is jouw terughoudendheid van liefde die jij op mij laat voortduren. Begrijp je dit? Je zou liever een nalatige God hebben om stenen naar te gooien, dan te kijken naar de splinter in je eigen oog.
Er is een neiging bij Mijn Kinderen om anderen te beschuldigen van wat er aan zichzelf scheelt. Je kunt de neiging hebben om minder dan prachtig over Mij te verkondigen. Wat simpel. Alles waar je tegen protesteert is een aspect van jezelf. Dit is de waarheid. Dit is hoe het is. Je vindt het niet leuk om dit te horen.
Ik spreek erover hoe Wij Eén zijn, en we zullen Eén zijn. We zijn zelfs nu Eén. Zelfs als je ogen terneergeslagen zijn, zelfs als je Mij afwijst als God op Aarde en God in de Hemel, maak je Mij jouw slachtoffer. Je ziet Mij als een dwaling van je gewonde zelf, en die noem je naar Mijn Naam.
Het is alsof ik een pakketje ben dat aan jouw gestuurd is. Je bekijkt het pakketje van alle kanten, maar je zal het niet openmaken. Je maakt verklaringen op van dit ongeopende pakketje, dat een speciale levering is van gebieden in jouw kleine zelf die aandacht vereisen.
Als je je vijandig voelt, kijk dan nog een keer. Vijandigheid is jouw eigen belediging. God is nalatig geweest? God heeft jou genegeerd? Wie negeert Wie? Zie jij Mij misschien als boos? Wie is er boos, moet Ik je vragen? Wie ontkent jouw? Waarom, je ontkent je eigen zelf. Geliefden, jullie schuiven de verantwoordelijkheid van je af. Jullie kunnen dit heel erg goed. Jullie bestrijden verantwoordelijkheid. Jullie kijken jezelf niet aan. Jullie verduisteren je prachtige Zelf en noemen het Mijn Toedoen. Jullie wijzen Mij af.
Mijn beste toedoen is Zijn, geliefden. En hetzelfde Zijn is het beste wat jij kan doen. Wat is het dat je niet wilt zien of erkennen?
Er is een verhaal verteld over een vis in de Oceaan. De vis roept in paniek: “Waar is het water? Ik kan het water niet vinden.”
Een stem antwoordt: “Hoezo, je zwemt er in.”
God is overal en nooit afwezig. Misschien doe jij je ogen dicht en laat jij jezelf niet genieten van de Aanwezigheid van God.
Waar ben Ik, geliefde Onthouders? Ik ben exact hier in jou en ook buiten jou. Je hebt het eerder gehoord: Er bestaat geen plek waar ik niet ben.
Als jij je vuisten balt tegen Mij, zit je er naast . Dit is precies het punt wat Ik maak, dat jij ernaast zit.
Begrijp dat verantwoordelijkheid geen last is. Verantwoordelijkheid is het begrijpen van jouw Grootheid. Het is jouw persoonlijke naam op de uitnodiging. Het is geen toelating van schuld. Het is een verklaring van het erkennen van jezelf en het erkennen van jouw kracht. Jij hebt brede schouders. Jij bent niet onbetrouwbaar. Jij bent een Helder Licht dat ver en wijd en Hoog kan zien, erg Hoog. Je kijkt omhoog, niet omlaag. Je kijkt recht vooruit en niet om. Je kijkt recht aan.
Niet langer laat je je verantwoordelijk afhangen van wat jij ziet als anders dan je Zelf. Wat je opgooit landt op jou. Er is niets anders dan jouw Zelf om dingen naar te gooien. Er is geen ander. Jij bent oppermachtig over jouw leven en het leven van iedereen die, volgens de laatste analyse, jouw eigen Zelf is.
Als er een lange woestijn is waar je doorheen moet lopen om Mij te ontmoeten zoals IK BEN, dan is die lange woestijn een luchtspiegeling.
Vertaald door: Petra

