Heavenletter #5510 Leven in een Soort Tussenin-Land
God zei:
Geliefde, wederom hoor ik jouw spreken vanuit het diepst van je hart. Ik hoor je zeggen:
“Geliefde God, waar wilt U mij mee naartoe nemen vandaag? Uit welke ontmoediging gaat u mij optillen en naar welke hoogten?”
“Het lijkt alsof ik mijn hele leven heb geslapen. Ik wist het niet. Ik was nauwelijks wakker. Ik wist niet waar ik was. Het is alsof ik in een soort tussenin-land was, toch heb ik ook geleden aan angst en deed ik mijn best om het te negeren.”
“Ik ben ook gegaan door wat ik dacht dat vreugde was, toch lijkt het me nu dat het niet zoveel vreugde is geweest, misschien meer dat de touwen wat losser werden. De vreugde was verzonnen. Heel mijn leven was verzonnen, in die zin dat ik niet echt in leven was. Ik was passief en onverstoorbaar. Ik was ergens, en ik was ook nergens. Ik moet door het leven heen zijn geslapen. Af en toe opende ik mijn ogen en deed ze dan weer dicht. Wat ik dacht dat genieten was, was dat niet echt. Het was harder geluid of, misschien, een pauze in het geluid. Ik was opgesloten in een cel van mijn keuze of waar ik genoegen mee had genomen. Ik wil het leven kennen zoals het bedoeld is om geleefd te worden en bedoeld is om van gehouden te worden. Help mij, O God.”
Geliefden, hoe vaak hebben jullie deze benadering en dit verwijt van het leven herhaald. Jullie voelden dat het leven aan jullie voorbij was gegaan.
Waren al jouw dromen uitgekomen, dan zou je het zelfde refrein zingen, omdat je had ontdekt dat je een waarnemer bent geweest. Jij was de vogel die alles ziet en je keek naar een vogel die alles ziet. Je was een waarnemer met, misschien, één oog open.
Het leven gaat niet aan jou voorbij. Jij, geliefde, was aan het dommelen, net niet helemaal wakker en net niet helemaal in slaap en toch vergeetachtig, zullen We zeggen, onoplettend zouden we zeggen, niet ontwaakt, ja, en toch niet helemaal onbewust. Je was je zeker bewust van waar je niet met je hart naar verlangde, en dus heb je jezelf over het hoofd gezien. Het is waar – je wist niet wie je was. We kunnen zeggen dat je in een roes was.
Hoeveel dagen heb je op school gezeten, zittend in een rij, zonder te begrijpen wat je aan het doen was, zonder dat je erbij hoorde, niet wetende wat school was, en toch zat je daar. Je bleef wachten om te leven. In veel gevallen gaf je er de voorkeur aan om door te slapen door wat jij zag als een nogal kaal bestaan. Jij zat daar, een automaat van jezelf, een opwindspeeltje dat deed wat er werd gezegd. Je nam de gedachten van anderen aan en gaf ze door als de jouwe. In een soort van gedachteloze race, durfde je nauwelijks te voelen.
Je hebt gelijk. Je wist niet wat je aan het doen was of wat je daar deed op de mogelijke plek waar je jezelf bevond. In feite zag je je leven als een onbewoond eiland. Je zag jouw leven als het draaien van de caleidoscoop waar je in keek. Je was aan betekenis verloren. Je bent jezelf gepasseerd. Je hebt jezelf voor levend door laten gaan. Je kende jezelf niet, bij wijze van spreken. Je aarzelde om gezien te worden. Je wilde niet gezien worden. Je wilde niet zien.
Je plukte hier en daar wat momenten om vast te pinnen op het mededelingenbord in je hoofd.
Je leefde meer in je verbeelding en in de pagina’s van boeken, dan je deed in het leven dat recht voor je was. Je zocht buiten jezelf naar rechtvaardiging van je verschijning op Aarde, en je kon het niet vinden. Je was een cijfer voor jezelf.
Nu beweeg je in je diepe slaap. Je wil wakker worden. Je wil vrij van bevrijd zijn van aarzeling. Je bent net als Pinokkio. Nu wil je een echte jongen zijn, een aangeklede pop die wil gaan leven. Jij wilt echt zijn.
Eens zag jij jouw leven over het hoofd. Nu wil je het leven inschakelen en enig idee krijgen van wat leven eigenlijk is en wat in leven zijn kan betekenen.
Ben je bereid om het schijnbare verleden te laten gaan en hier en nu, direct, in te stappen? Ja, de tijd is rijp voor jou om nu dit moment van het leven binnen te lopen en jezelf er in onder te dompelen en te zien wat het is om een deelnemer van jouw leven te zijn, om te kijken, niet zozeer om jouw leven voorbij te zien gaan, maar liever om naar jezelf te kijken. Je komt uit je schuilplaats en zegt:
“Ik ben hier. Ik ben niet aan de rand van het leven. Ik ben het Leven, en God is hier bij mij.”
Vertaald door: Petra

