God zei:
Alle menselijke wezens zijn ruiters op de grasvlakte. Jullie zijn zwervers op de grasvlakte. Je hebt een lasso en je bent bezig met bijeen drijven. Je verzamelt anderen om jou heen en ze slaan de weg in, die jij inslaat. Het zijn harten die jij bijeen drijft. Het zijn harten die jij met je meeneemt. Alle harten zijn van jou en ze zijn van jou om aan te vragen. Een hart sluit zich aan bij een ander, net zoals mensen elkaars hand vasthouden. Laat Ons harten vasthouden dwars over de wijdse prairie en de wereld verenigen.
Allen gaan in dezelfde richting. Waarom dan niet samen gaan? Niet als een kudde, maar als prachtige harten, allen voor één en één voor allen.
Sta op en tel mee. Je bent geen soldaat van het lot. Je bent een ziel van fortuinlijkheid. Fortuinlijkheid betekent dat wat komen gaat. Wat komen gaat is Eenheid en Vrede en jij bent er een voorloper van. Jij mag dan een bescheiden ruiter van de vlakten zijn en toch ben jij de leider. Waar jij heen gaat, geliefde, zal Ik heen gaan. Jij volgt Mij in deze mars dwars door het Universum en toch volg Ik jou. Wij zijn ruiters van de vlakte.
Net als in een mooie film rijden We over de horizon heen en stijgen op in de lucht en gaan rechtstreeks naar de Hemel. Stijgend, stijgend, stijgend over de horizon naar de roze lucht en langs de witte wolken naar de wilde blauwe verte die helemaal niet wild is. Zij is rust en vrede en is alle mooie dingen. Ik beschrijf jou. Jij bent jouw reis, begrijp je. Jij bent je eigen visioen, dat je lijkt te zien in de verte.
Je rijdt over de vlakte en je surft over de golven. Er is geen verschil tussen de ruiter en surfer. Er zijn helemaal geen verschillen. Rijden, rijden, rijden over de vlaktes of surfen, surfen, surfen over de blauwe golven.
Er zijn geen oevers behalve de oevers van harten die springen en hoog springen. Allen houden elkaars hand vast. Er is Eén Ruiter en Eén Weg om te Berijden. Er zijn geen gevechten, geen slagvelden. Dit zijn foto's die jij knipt met de camera van je geest. Ze moeten nog ontwikkeld worden. Ontwikkeld, zul jij de Majesteit van de Waarheid zien. Jij ziet dan wat de Sluier wordt genoemd. Feit is dat je zult zien, want je zult de ogen hebben om te zien en de oren om te horen. Jij zult stoppen voor de nacht en in de ochtend word jij wakker op deze oneindige tocht die jij maakt dwars door het woestijn zand en dwars door de nachtelijke hemel. Jij zult elke ster op je weg met een kus aanraken, want jij bent een ruiter van de Schepping. Jij reikt in je hart en je gooit het naar de sterren van waar jij vandaan kwam.
Jij laat jezelf overal achter. Jij weet dat, nietwaar. Zelfs wat niet gezien is, is niettemin gezien. Jij laat jezelf overal achter.
Je bent een architect van het leven en je bent een mooi wezen dat terug gaat naar waar je begon, behalve, je bent nooit begonnen. Je hebt altijd bestaan. Jij woont in de Eeuwigheid en Eeuwig en Oneindig zijn jou.
Je denkt toch niet echt dat je slechts een gespikkelde vlek op de oppervlakte van het leven bent, of wel? Jij bent het leven zelf. Jij bent de Uitgever van de Pracht van het Universum. Jij verzamelt het Universum niet. Je rijdt over de vlakte van het Universum en de zon schijnt op jou en jij reflecteert de zon totdat niemand het verschil tussen jou en de zon of nachtelijke sterren of wat je maar kunt bedenken of herinneren of niet meer herinneren kan vertellen, want wat is er in het Universum behalve de Eenheid van Licht en de Eenheid van het Ene Hart dat overal galoppeert.